Op deze pagina staan zeer beknopt de vijf stappen beschreven die een geoefend hulpverlener moet doorlopen. Dit geldt niet als reanimatiecursus, maar moet gezien worden als een praktisch hulpmiddel.
Controleer
het bewustzijn door het slachtoffer voorzichtig aan de schouders
te schudden en aan te spreken. Vraag bijvoorbeeld: "Gaat alles
goed met u?", "Wat is er gebeurd?" Als er geen reactie volgt op
het aanspreken en aanraken, dan is het slachtoffer bewusteloos.
Roep om hulp. Laat het slachtoffer niet alleen.
Leg
het slachtoffer op zijn rug en maak de luchtweg vrij door het hoofd
iets naar achteren te kantelen of de kin met de vingertoppen iets
omhoog te tillen. Houd de luchtweg open. Kijk, luister en voel
maximaal 10 seconden naar normale ademhaling.
Als
het slachtoffer niet normaal ademt of als u twijfelt, vraag een
omstander om 112 te bellen. Zeg dat het om een reanimatie gaat.
Als
het slachtoffer niet normaal ademt of als u twijfelt start met
hartmassage. Geef borstcompressie door het borstbeen 4 - 5 cm. in te
drukken met een frequentie van 100 per minuut.
Na
30 borstcompressies start u met mond-op-mond beademing. Als u de
kinlift heeft toegepast en tijdens het beademen komt de borstkas
omhoog, dan heeft u voldoende ingeblazen. Beadem 2 keer.
Wissel 30 borstcompressies af met 2 keer beademen tot
professionele hulp arriveert.